Mondelinge Taalvaardigheid: Videofragmenten

Bij het boek Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid: passend taalonderwijs voor alle leerlingen horen een aantal filmpjes, die u met toelichting op deze pagina vindt. 

Spreken en luisteren in het basisonderwijs

Mondelinge taal is niet gebonden aan een specifiek vakgebied of een specifieke situatie: het is er altijd. Tijdens de verschillende lessen op school zijn er tal van mogelijkheden om mondelinge taal te stimuleren. Dat kan door liedjes, door een kringgesprek, maar ook door mondelinge taal expliciet in te zetten bij creatieve vakken en wereldoriëntatie.

 Directeuren en een intern begeleider lichten het belang van het stimuleren van mondelinge taal toe. Ze vertellen hoe zij hier op hun school vorm aan geven.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Inleiding
→ Paragraaf 3.1 Interactief taalonderwijs

Leerlijnen

Er zijn veel mogelijkheden om tijdens een kringgesprek of presentatie gericht aandacht te besteden aan mondelinge taal. Om hierin stappen te kunnen zetten is het belangrijk te weten wat mondelinge taalvaardigheid inhoudt en welke vaardigheden er worden onderscheiden. Hier bieden de leerlijnen en tussendoelen mondelinge communicatie uitkomst.

 Een directeur, intern begeleider en leerkracht vertellen hoe het bewust kijken naar leerlijnen hen helpt in hun onderwijsaanbod. Zij lichten toe op welke wijze zij aandacht besteden aan de verschillende leerlijnen mondelinge communicatie.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Paragraaf 1.1 Spreek- en luistervaardigheden
→ Paragraaf 1.2 Pragmatische taalvaardigheid
→ Paragraaf 1.3 Uitdrukkingsvaardigheid
→ Paragraaf 1.4 Tekstvaardigheid
→ Paragraaf 1.5 Taalbeschouwing
→ Paragraaf 1.6 Van leerlijnen naar tussendoelen

Toetsen en observeren

Om goed zicht te krijgen op de mondelinge taalvaardigheid van leerlingen is observeren essentieel. Niet alleen omdat toetsen vaak maar zicht geven op een beperkt onderdeel van het taaldomein, maar ook omdat er voor een aantal mondelinge taalvaardigheden geen toetsen beschikbaar zijn of er alleen toetsen voor de onderbouw zijn ontwikkeld. In het kader van het project ‘Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid’ is geïnventariseerd welke methodeonafhankelijke toetsen er zijn. Daarnaast zijn er observatielijsten ontwikkeld om de mondelinge taalontwikkeling van leerlingen in groep 1 tot en met 8 in kaart te brengen.

 Intern begeleiders, leerkrachten en directie bespreken het belang van het observeren van de mondelinge taalontwikkeling. Zij gaan in op hun ervaringen met de observatielijsten mondelinge taalvaardigheid.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Paragraaf 2.1 Toetsen
→ Paragraaf 2.2 Observeren en registreren
→ Paragraaf 2.3 Evalueren: peerevaluatie, zelfevaluatie, portfolio
→ Paragraaf 2.4 Interpreteren
→ Bijlage 4: Observatielijsten mondelinge taalvaardigheid

Taal bij andere vakken

Taal is in alle vakken op school aanwezig. Dat creëert kansen om aan taal te werken: denk aan het bespreken van moeilijke woorden in de context van een aardrijkskundethema over landbouw. Of een gesprek naar aanleiding van een verhaal over het bombardement van Rotterdam. Wanneer tijdens andere vakken kansen worden gegrepen om de mondelinge taalontwikkeling te stimuleren, krijgt zowel de taal- als de kennisontwikkeling van de leerlingen een impuls.

 Janneke, leerkracht van groep 6, geeft een geschiedenisles waarin verschillende leerlijnen mondelinge taal de revue passeren. Ze stimuleert deelname aan gesprekken (leerlijn 1), interactief leren (leerlijn 2) en de woordenschat (leerlijn 4) van leerlingen.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Paragraaf 3.2 Taal bij andere vakken

De rol van de leerkracht

Kinderen leren taal door taal te gebruiken en taal te horen. De leerkracht speelt hierbij een belangrijke rol. Zij vervult een voorbeeldfunctie en zorgt voor een begrijpelijk taalaanbod. Bovendien schept ze ruimte om leerlingen voldoende gelegenheid te geven om te praten.

 Een leerkracht en intern begeleider vertellen hoe ze de mondelinge taalvaardigheid bij kleuters stimuleren.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Paragraaf 3.1 Interactief taalonderwijs
→ Paragraaf 3.3 Inrichten van de leeromgeving
→ Hoofdstuk 4 Taalstimulering bij leerlingen met een taalachterstand
→ Hoofdstuk 5 Taalstimulering bij hoogbegaafde leerlingen
→ Bijlage 7: Kijkwijzer leeromgeving
→ Bijlage 8: Kijkwijzers mondelinge taalvaardigheid

Kleuters praten over prentenboeken

Als een gesprek over een onderwerp gaat dat de leerlingen werkelijk interesseert, nemen zij actiever deel aan het gesprek. Een prentenboek kan een betekenisvolle aanleiding, oftewel een anker, vormen voor een bepaald thema. De leerkracht zorgt ervoor dat er op een verantwoorde manier aan verschillende leerlijnen gewerkt wordt.

 Annette, intern begeleider, stimuleert naar aanleiding van een prentenboek over Sinterklaas het deelnemen aan gesprekken (leerlijn 1), taalgebruik (leerlijn 3), woordenschat (leerlijn 4) en begrijpend luisteren (leerlijn 5).

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Paragraaf 3.3 Inrichten van de leeromgeving
→ Hoofdstuk 4 Taalstimulering bij leerlingen met een taalachterstand
→ Hoofdstuk 5 Taalstimulering bij hoogbegaafde leerlingen
→ Bijlage 7: Kijkwijzer leeromgeving
→ Bijlage 8: Kijkwijzers mondelinge taalvaardigheid

Schakelklas

Wie opgroeit in een taalarme omgeving of in een omgeving waarin een andere taal dan het Nederlands wordt gesproken, komt vanzelfsprekend minder met de Nederlandse taal in aanraking. Deze kinderen kennen vaak minder woorden (in het Nederlands), drukken zich niet altijd in goede zinnen uit en zullen soms moeite hebben om een gesprek goed te volgen. Voor de kinderen met (een risico op) een taalachterstand, is extra taalstimulering op school cruciaal voor hun ontwikkeling.

 Marijke is leerkracht van een schakelklas. Hier biedt zij een groepje leerlingen met een risico op een taalachterstand extra ondersteuning. Ze bespreekt het thema ‘wonen’ aan de hand van een foto. Marijke legt veel nadruk op de uitdrukkingsvaardigheid van de leerlingen (leerlijn 3: taalgebruik en leerlijn 4: woordenschat).

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Hoofdstuk 4 Taalstimulering bij leerlingen met een taalachterstand
→ Bijlage 8: Kijkwijzers mondelinge taalvaardigheid

Vertellen en presenteren in groep 1-2

Goed kunnen vertellen en presenteren houdt in dat leerlingen iets zo kunnen vertellen dat anderen snappen wat er bedoeld wordt. Presenteren is voor veel leerlingen een spannende bezigheid. Door hier van jongs af aan aandacht aan te besteden wordt dit een routine.

 Marijke werkt met haar leerlingen in de schakelklas met het kletstheater. Hierbij vertellen de kinderen  aan de hand van zelfgemaakte tekeningen over de plek waar ze wonen. Marijke bespreekt voorafgaand aan de presentatie hoe je je als spreker en als luisteraar moet gedragen. Ze stimuleert het begrijpend luisteren door de leerlingen een luistervraag mee te geven.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Hoofdstuk 4 Taalstimulering bij leerlingen met een taalachterstand
→ Bijlage 8: Kijkwijzers mondelinge taalvaardigheid

Spreekbeurt in groep 8

Vertellen en presenteren zijn vaardigheden die van groep 1 tot en met groep 8 gestimuleerd kunnen worden. Het is belangrijk dat de leerkracht het goede voorbeeld geeft. De leerkracht zorgt voor een goed opgebouwd verhaal, blijft bij de kern en brengt de boodschap over met een goede intonatie en met non-verbale ondersteuning.

 Jolien (11 jaar) uit groep 8 houdt haar spreekbeurt over roken. Ze vertelt hoe ze de voorbereiding van haar spreekbeurt heeft aangepakt en reflecteert na afloop op haar eigen presentatie.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Hoofdstuk 4 Taalstimulering bij leerlingen met een taalachterstand
→ Hoofdstuk 5 Taalstimulering bij hoogbegaafde leerlingen

Reflecteren op spreekbeurt

Leerlingen zijn gebaat bij feedback op hun presentaties. Zowel de leerkracht als de leerlingen in de klas kunnen feedback geven op de informatieve waarde, de wijze van presenteren, de duidelijkheid en formulering en de interactie met het publiek.

 Kees, de leerkracht van Jolien, bespreekt welke afspraken er zijn gemaakt over het houden van een spreekbeurt. Met de leerlingen in de klas wordt zowel de vorm als de inhoud van de spreekbeurt van Jolien geëvalueerd.

 Opbrengstgericht werken aan mondelinge taalvaardigheid

→ Hoofdstuk 4 Taalstimulering bij leerlingen met een taalachterstand
→ Hoofdstuk 5 Taalstimulering bij hoogbegaafde leerlingen